Alex werpt een blik over de kabbelende golfjes. Een surfer probeert de baas te worden over zijn plank, enkele kinderen spetteren vrolijk in de branding.
Zeker de opa en oma van de kinderen, denkt Alex als hij hun knikje beantwoordt. In gedachten dwaalt hij een moment af naar zijn eigen kleinkinderen. Over enkele dagen ziet hij ze weer, als ze mee mogen om hem op te halen op het vliegveld. Hij krimpt in elkaar als hij nu al denkt aan de gemaakt vrolijke stem van zijn dochter: ‘Heb je een fijne vakantie gehad, pa? Je bent lekker bruin geworden. Goed dat je er even tussenuit bent gegaan.’
Alex schopt een schelpje omhoog en voelt het zand tussen zijn tenen doorglippen. De geur van zonnebrandcrème hangt nog over het nu vrijwel lege strand. Dat heeft hem nooit getrokken, dat liggen bakken in de zon, maar ach, elke dag ging hij wel even mee. Deze vakantie ook, bijna obsessief sleepte hij zich om 10.00 uur naar een strandstoel en verliet die om 12.00 uur, om naar het lunchbuffet te lopen. Zijn routine van een korte strandwandeling aan het begin van de avond heeft hij ook voortgezet, zoals hij altijd heeft gedaan.
Hij staat stil en staart naar het hotel waar hij, net als andere jaren kamer 15 heeft geboekt. Een kamer met zeezicht. Daar genoot… Nee, niet aan denken nu, probeert hij zichzelf te beschermen.
Hij wandelt naar het terras van een strandtent. Ook die maakte deel uit van de routine, elke avond een drankje. Hij is er nu nog niet geweest, maar dwingt zichzelf erheen te gaan, het advies van zijn vrienden in gedachten: ‘Het hoort erbij,’ zeiden ze. ‘De eerste keer is altijd moeilijk.’
Op het terras bij het restaurant ziet hij nog een vrije plek met twee stoelen. De barman knikt hem vriendelijk toe en stapt op hem af. ‘Ik dacht al dat het zo langzamerhand wel weer de tijd zou zijn, dat jullie hier komen. Het eerste drankje is voor mijn rekening. Zoals altijd een koud biertje en een glas rosé voor…?’
Alex buigt zijn hoofd. ‘Alleen een biertje,’ fluistert de eenzame vakantieman.
©Vera Oor, 2025