Showroom

 
Johan parkeert zijn auto en stapt uit. Hij pakt zijn rugzak met daarin de camera en het schrijfblok van de achterbank. Zelfverzekerd stapt hij af op een vrouw die op haar fiets wil stappen.
‘Mag ik je iets vragen?’ Zonder haar antwoord af te wachten, stelt hij de vraag: ‘Waar kan ik hier iemand vinden die apart zou moeten zijn?’
‘Goedemorgen,’ zegt ze en kijkt hem taxerend aan. Dat dat niet in zijn voordeel uitvalt, is snel duidelijk als ze haar mondhoeken iets optrekt, haar hoofd schudt en met de nadruk op het woord u antwoordt: ‘U bedoelt Andreas, vermoed ik. Die woont in het laatste huis van deze rij. Goedendag.’
Johan neemt niet de moeite om haar te bedanken en loopt de rij huizen langs, die hij nog geen blik waardig keurt. ‘Eenheidsworst,’ mompelt hij binnensmonds zijn conclusie. Bij het laatste huis is een man op leeftijd voorovergebogen zijn tuin aan het schoffelen. Hij richt zich op als Johan hem aanspreekt: ‘Ben ik hier bij Andreas?’
‘Ik ben Andreas,’ bevestigt de man terwijl hij op de steel van schoffel leunt.

‘Ik ben voor de column “Showroom” van de regionale krant op zoek naar aparte mensen. Jij zou zo iemand zijn. Wil je me wat vertellen over jezelf?’
‘Loopt รบ maar met me mee,’ nodigt Andreas hem uit en loopt naar de deur. Op het rooster bij de voordeur trekt hij zijn schoenen uit en loopt op zijn sokken voor Johan uit. Johan volgt hem. Afdrukken van zijn natte schoen blijven achter op de lichte vloerbedekking. Andreas wijst Johan een stoel aan de eettafel en neemt tegenover hem plaats. ‘Wat wilt u weten?’
‘Wat maakt je apart, anders dan anderen?’
‘Nou ja, ik woon hier al vijftig jaar. Ik haal boodschappen voor mensen uit deze straat, die slecht ter been zijn. Zo nu en dan houd ik hun tuintjes bij en zorg ik ervoor dat de stoep sneeuwvrij wordt gemaakt. Kinderen uit de buurt komen met hun vondsten uit het bos naar me toe om te horen wat voor bijzonders ze gevonden hebben.’
‘Wat voor bijzonders is dat dan?’ buigt Johan zich enigszins naar Andreas toe. Dit is waar ik voor kom, denkt hij. Hij zal ze op de redactie eens verrassen met wat hij boven water krijgt tijdens dit gesprek. Dit werk is me op het lijf geschreven. En ooit zullen ze me vragen om het programma Showroom op televisie opnieuw op te starten.

Hij denkt terug aan het sollicitatiegesprek enige tijd geleden. De personeelsfunctionaris had hem na afloop van het gesprek gezegd, dat ze het met hem wilden proberen. ‘Je kunt hier nog veel leren,’ zei ze. Hij had zich ingehouden en verder niet meer geantwoord. Veel leren, echt niet. Hij wist alles wel, vond hij zelf, en kon de ervaren journalisten nog wel wat leren.

Andreas is een mensenkenner en schat hem in. ‘Nou, met dat bijzondere ding dat ze hadden gevonden in het bos. De kinderen hadden het in een tas gedaan en brachten het naar mij omdat ik hier in mijn tuin schatten verzamel.’
‘Die wil ik weleens zien,’ nodigt Johan zichzelf uit voor een bezoekje aan de tuin.
Nieuwsgierig kijkt hij rond in de tuin die Johan met een wijds armgebaar aanprijst als zijn schat. Johan kijkt hem vragend aan.
‘Kijk,’ zegt Andreas, en wijst hem op een kleine vogel, die zijn snavel al openspert. ‘Dit is toch geweldig? De schatten van de natuur en ik mag voor dit uit het nest gevallen uiltje zorgen.’
‘Is dat alles?’ wil Johan weten.
‘Ja jongen, kijk om je heen. Kijk naar al die diertjes die hier rondlopen tot ze groot genoeg zijn om er zelf op uit te trekken.’
Johan probeert zijn teleurstelling niet eens te verbergen. ‘Ik denk dat ik iemand anders moet hebben voor mijn interview. Iemand die apart is.’
Andreas gniffelt en begeleidt hem naar de voordeur. ‘Jong, in alle huizen hier wonen aparte mensen. Ieder heeft zijn of haar eigen aardigheden.’
‘Eigenaardigheden, bedoel je zeker,’ verbetert Johan hem.
Andreas kijkt hem indringend aan. ‘Nee, zoals ik al zei: eigen aardigheden. We weten van elkaar waar iemand goed in is of waar die juist hulp nodig heeft. We kennen elkaar en dat kan lang niet van alle steden of wijken gezegd worden. Misschien werd dat bedoeld toen jij hiernaartoe gestuurd werd om een apart mens te zoeken.’
Andreas opent de voordeur en laat Johan uit. ‘O ja, weet je waarom je juist bij mij terecht bent gekomen?’
Hij wijst op het naamplaatje aan de voorgevel met de naam: A.Part.

©Vera Oor, 2025

Beschermend blad

Waarom zou ik langer blijven liggen. Eruit! Vannacht heb ik de ramen wagenwijd open gehouden en de heldere zomerochtendlucht drijft de kamer...