De delen van het verhaal van Pip staan in een onlogische volgorde, omdat ik er vergeten had te plaatsen. Dit is dus deel 4.
Weer een week verder met Pip. Ik denk dat ik haar aan ga melden voor een testpanel en ik weet wel zeker dat ze het Duracell-konijntje gaat verslaan.
Een pup van deze leeftijd slaapt 18 – 20 uur per dag. Dat is tenminste zoals het hoort te zijn. Pip denkt daar anders over. Het beestje bruist van de energie en als ik haar haar gang laat gaan, haalt ze dat bij lange na niet. Verplicht de bench in dus nadat ze heeft gegeten en gerausd. Ze protesteert niet maar de oren staan rechtovereind en de oogjes wijd open, totdat…ze bewusteloos neerploft. De wereld kan vergaan, zonder dat ze erop reageert.
Een pup van deze leeftijd slaapt 18 – 20 uur per dag. Dat is tenminste zoals het hoort te zijn. Pip denkt daar anders over. Het beestje bruist van de energie en als ik haar haar gang laat gaan, haalt ze dat bij lange na niet. Verplicht de bench in dus nadat ze heeft gegeten en gerausd. Ze protesteert niet maar de oren staan rechtovereind en de oogjes wijd open, totdat…ze bewusteloos neerploft. De wereld kan vergaan, zonder dat ze erop reageert.
Vorige week eindigde ik met het voornemen om naar de eerste puppytraining te gaan. Nou, dat was een drama. Zes pups, waarvan Pip de allerkleinste is, maar met de grootste ongehoorzaamheid.
Een uur lang heeft ze konijnenkeutels gespeurd in plaats van “zit”. Waar de andere pups danig onder de indruk waren van levensgrote pluchen beesten die tussen hen in gezet werden, keek Pip er nog niet naar om, konijnenkeutels bleven interessanter en in plaats van in haar ogen keek ik alleen maar tegen een staartje aan. Ik was total loss na de training en met het Duracellhon-dje in de mand achterop fietste ik naar huis, waarna ik haar overdroeg aan haar baasje: ‘Nu is ze voor jou!’
Zitten doet ze op commando inmiddels, bij “af” ploft ze met vier poten tegelijk op de grond. Dit alles thuis. Morgenavond bij de tweede training zal het wel anders zijn.
Alle struiken in de tuin heeft ze inmiddels onderzocht, ze weet waar de mollen graven, van welke hoogte in de border ze naar beneden kan springen om daarbij te landen tussen de kruipplantjes. Ze weet hoe hard ze de bocht door kan rennen zonder haar kop te stoten, ze weet wanneer het potje met koekjes opengaat als de koffie klaar is. Commando “zit” is dan niet nodig. Twee trouwe hondenoogjes kijken me vanaf enkelhoogte hoopvol aan.
Voeten in sokken of blote tenen worden gegarandeerd slachtoffer van de messcherpe tandjes die ze erin zet. Van takken tot balletjes en andere rotzooi verzamelt ze, tot aan mijn tuinhandschoen toe, die ik regelmatig kwijt ben. Die ligt dan gegarandeerd op een van haar verzamelplekken in huis of in de tuin. Ze heeft er vijf en ik weet nu waar die zich bevinden.
Maar o, wat is ze lief, als ze naast me komt zitten op de bank of op schoot kruipt. Vanuit een ooghoek houdt ze de omgeving in de gaten, maar reageert er dan niet meer op. Als een slappe tod moet ik haar dan naar buiten dragen om toch nog even een laatste plasje te laten doen, voordat de nachtrust begint. Voor haar en voor mij broodnodig.
©Vera Oor, 2025