Ik struikelde doordat mijn voet bleef haken achter het opstaand randje van een klinker. Ik merkte dat ik in een reflex iets vooroverboog en mijn pas versnelde. Als een scholekster die een worm ziet en ernaartoe rent om hem uit de grond te trekken. Daar lag ik. Ach ja, ouder worden.
Mijn oma zal van mijn leeftijd nu (64) zijn
geweest en we liepen in de oude stad een hellend straatje naar beneden. Van het
een op andere moment leek het alsof ze gelanceerd werd en ze begon te rennen.
Haar zwarte tas onhandig bungelend aan een van de armen, die ze rondmaaide
alsof ze ermee wilde vliegen. Oude oma bekeek de kinderkopjes van steeds
dichterbij. Ook zij leek op die scholekster, alleen het wormpje lag in dit
geval erg ver weg. Sneller en sneller rende ze naar beneden. Van scholekster
veranderde ze in een slechtvalk in duikvlucht, onderweg naar zijn prooi.
De kleurrijke bloemetjesjurk werd een vage vlek
in de verte, de stevige benen in de dikke panty maakten bizarre sprongen als
een marionet waar aan de verkeerde touwtjes wordt getrokken en de zwarte
schoenen met blokhak raakten de grond amper aan.
Verbijsterd keken we toe, ons niet bewust van
het onheil dat haar te wachten stond.
Vanuit de verstarde houding rende mijn vader
achter zijn moeder aan, daarbij beducht op de onregelmatigheid van de kinderkopjes,
zodat hij niet naast haar zou eindigen.
Daar lag oma, als een te vroeg uitgevlogen
vogel, kermend van de pijn, de vleugels lamgeslagen naast zich op de straat. In
haar dikke kous een enorme knol ter hoogte van de knie. Helaas bleef het daar
niet bij, wat tot gevolg had dat een van ons de eigen slaapkamer op moest geven
om oma in alle rust te laten herstellen van een gebroken heup.
Geplaatst op pagina Gastschrijvers Gelderlander
© Vera Oor, 2024