Bij mijn eerste
werkgever ben ik ruim 19 jaar in dienst geweest. Een geweldige tijd met veel
goede herinneringen en fijne collega’s. Niet voor niks heb ik met een aantal
van hen nog steeds contact, nu ruim 40 jaar verder.
Toen ik begon
was de mechanische typemachine nog maar net vervangen door een elektrische. Een
machine die de mogelijkheid had om met behulp van een correctielint fout
getypte letters te corrigeren in plaats van met witsel weg te lakken, te laten
drogen en opnieuw te typen. Tot twee, hooguit drie exemplaren van eenzelfde
werk krijgen was mogelijk door het werken met carbonpapier. De derde doorslag
had wel aan kwaliteit ingeboet, maar was acceptabel. Op het moment dat meerdere
exemplaren nodig doken we een aparte ruimte in: de stencilkamer, met enkele
redelijk imposante machines.
Het getypte
A-viertje moest allereerst ingebrand worden op een sjabloonvel. Vervolgens werd
dit weer aangebracht op de stencilmachine waarna gestencild kon worden en de
afdrukken van het origineel eruit rolden. Al deze elkaar opvolgende
werkzaamheden kostten veel tijd.
Wat een
vooruitgang toen de kopieermachine zijn intrede deed. Inbranden en stencilen
was niet meer nodig. Nee, simpelweg het getypte vel met de tekst naar beneden
op het kopieerapparaat leggen, het benodigde aantal kopieën instellen en de
machine deed zijn werk.
De elektrische
typemachine werd vervangen door een nieuwe uitvinding: de computer. Een
oerlelijke sta-in-de-weg op het bureau. Daarboven op een klein scherm met aan
de achterkant een enorme toeter om alle techniek in op te bergen. De
floppydisk, een klein vierkant plaatje kon ingevoerd worden en de gemaakte
werken werden hierop opgeslagen. We moesten wel enkele computerprogramma’s gaan
leren om überhaupt met dat ding te kunnen werken. Een van die programma’s was
het tekstverwerkingsprogramma Word Perfect.
Als behoorlijke
digibeten volgden we met een aantal collega’s alle instructies op en probeerden
de trucjes te onthouden.
Zuchtend en
steunend probeerden we alle informatie op te nemen. Totdat de docent een
oplossing bood waar mijn collega helemaal blij van werd: "woorden kun je in
hoofdletters invoeren, in schuinschrift/cursief, je kunt een deel van een tekst
vetgedrukt maken. En het handige is: wil je iets terugdraaien, dan kun je
corrigeren. Wil je b.v. vetgedrukte tekst weer omzetten in ‘normale’ tekst, dan
selecteer je het gebied, je drukt op F6 en alle vet is weg!”
Mijn collega slaakte een kreet en sprak de historische woorden waar ze nog
vaak mee geplaagd is: “o mijnheer, als dát toch eens zou kunnen!”.
Geplaatst op pagina Gastschrijvers Gelderlander