Het einde nadert






Nu slaat de aftakeling toe.

Bij het openen van het hok ’s ochtends komen een voor een de kippen eruit en vallen aan op de stukjes gestrooid brood. Na enig gestoemel komt uiteindelijk ook Pieto tevoorschijn.
Hij sjokt naar de restjes brood die er nog te pikken zijn, maar keurt de kippen geen blik meer waardig. Overigens is dat wederzijds. Hij staat weliswaar tussen de dames, maar het lijkt wel alsof ze zijn aanwezigheid niet eens opmerken. 
De schwung is eruit, overduidelijk. Incidenteel laat hij nog een krakkemikkige kukel horen, waarbij hij niet meer de fiere positie aanneemt zoals het een haan betaamt. 

Zijn uiterlijk is niet bepaald om nog over naar huis te schrijven: een verfomfaaide bal veren, alsof hij in een takkenversnipperaar terecht is gekomen. Zijn lel aan de kin is stug geworden en wiebelt niet meer enthousiast heen en weer. Zijn kam heeft weliswaar nog de rode kleur maar prijkt niet meer fier als een kroontje op zijn kop. De kam hangt slapjes naar één kant.
Rond zijn ogen lijkt het erop alsof hij daar potten crème op heeft gesmeerd, vettig en zonder veertjes.

Hij eet en drinkt nog wel, maar ik ben bang dat hem geen heel lang leven meer beschoren is.
Geen idee of dieren terugblikken op hun leven wanneer het einde nadert, maar Pieto kan in ieder geval omzien naar een leven waarin hij zich duidelijk op de kaart heeft gezet en niet snel vergeten zal worden.


Beschermend blad

Waarom zou ik langer blijven liggen. Eruit! Vannacht heb ik de ramen wagenwijd open gehouden en de heldere zomerochtendlucht drijft de kamer...